Kun jij God echt zien?

 

IK KAN GOD ZIEN….

“Jaag die jongens toch weg, dat gedoe pal voor je raam”.
“Waarom zou ik?”, vroeg Tante Francien met een lieve glimlach…
Ze woonde in een vriendelijk dorp, aan “de stoep” (je weet wel zo’n oprit naar de dijk). Haar bezoekster ergerde zich aan de groep “hangjongeren” voor het raam van tante Francien. Zij zelf had geen last van die jongens.
…Op een mooie lente avond moest ze de vuilemmer nog halen en met haar oude benen liep ze door het gangetje naar de straat. De jongens hingen een beetje tegen haar huis aan, een sigaretje bungelend in hun mond. Ze keek hen aan en zei: “Goede avond jongens, wat een mooie avond he”?
“Uh…dag mevrouw. Ja mevrouw”. Tante Francien pakte moeizaam de vuilemmer en toen gebeurde er zo iets moois. Eén van de jongens komt naar haar toe: “Laat maar mevrouw, die brengen wij voor u naar achter en misschien heeft u nog wel werk voor ons”.
“Ja zeker”, zei ze, “mijn gras moet nodig gemaaid, en ja…dat onkruid is ook nog aan de beurt. Mijn rug en benen willen niet meer zo goed, jongens”.
De jongens gingen opgeruimd aan het werk. Na een uurtje kwam ze bij de jongens staan: “Willen jullie een glaasje limonade”, vroeg ze.
“Graag mevrouw”, antwoorden ze. Toen ze om de tafel zaten, vroeg ze, “Jongens, geloven jullie ook in God”? “Nee”, zei er één, ”God bestaat niet. Je kunt Hem nog niet eens zien”. “Er is nog nooit iemand terug gekomen”, zei een ander en ieder had een eigen visie. Toen zei de laatste, “Ik geloof in Ufo’s, die kun je zien”
“Hoe kun je die zien?” vroeg ze heel belangstellend.
“In de korenvelden zie je een cirkel waar ze geland zijn, dat is echt”. Aandachtig luisterde ze naar wat de jongens zeiden; “Dat begrijp ik, want ik zie God ook”.
“Hoe dan”? was hun vraag. “Zo zie ik God ook heel duidelijk”, was het antwoord van tante Francien.” Vriendelijk en veelbelovend keek ze naar de jongens voor haar. “Ik zie God in de natuur, net zoals jij die kring in het korenveld ziet. Ik zie de bloemen en de bomen, het water en het gras. Hij heeft alles gemaakt, de bomen, de bloemen, de dieren…ons ook”.
Verbazing kwam op de gezichten van de jongens. Ze vertelde het zo lief en zo mooi. Ze straalde helemaal.
Dan buigt tante Francien naar voren om wat dichter bij de jongens te zijn: “En ik zie Hem in de Bijbel, die heeft Hij voor ons laten schrijven. Helemaal vol met dingen over Hem zelf, over Jezus, over jullie, over mij”.
“Hij heeft op laten schrijven hoeveel Hij van ons houdt. En ook wat er met ons gebeurd als we sterven”.
Stil luisterden de jongens naar Tante Francien. Haar oude gezichtje straalde. En toen gebeurde er iets heel bijzonders. De tuin was klaar en bij het vertrekken zeiden die ‘hangjongens’: “Mevrouw, we komen volgende week weer hoor, voor de vuilemmer en het gras maaien”. En heel die zomer waren ze er elke week. De gesprekken werden dieper, er kwamen vragen en Tante Francien vertelde graag en …ze bad elke dag voor die jongens.

http://www.evangelist-van-dooijeweert.com/235697862